Klassiek trainen: een dure vergissing?

Annemiek Roest is de nieuwe manager Learning & development bij Vermaat. ‘Bij “ons” is leren van strategisch belang. Elk horecaconcept dat Vermaat ontwikkelt, is uniek en maatwerk. We vinden het belangrijk dat onze mensen op geheel eigen wijze de gast bedienen. Mensen maken het verschil en zijn daarmee van enorme waarde voor onze organisatie. Vermaat biedt leer- en ontwikkelmogelijkheden zodat medewerkers de beste versie van zichzelf worden.

Bij onze medewerkers vind je passie, beweging en initiatief, maar het is ook belangrijk om daar sturing aan te geven. Onze afdeling draagt bij aan de noodzakelijke samenhang tussen verschillende leerinterventies en koppelt het leren aan het presteren.’ Annemiek spreekt met een warm hart over Vermaat en ik proef die ‘touch of Vermaat’ als ik door het hoofdkantoor in IJsselstein loop en met de mensen praat.

Reflex

Klassiek trainen heeft zijn langste tijd wel gehad. Tientallen jaren hebben trainers gebruik gemaakt van de “reflex” van bedrijven (managers en L&D afdelingen die bij een probleem of issue direct aan een training denken). Denk hierbij aan: De samenwerking tussen teams verloopt niet goed; laten we een cursus communicatietechnieken met acteurs verzorgen.  Of accountmanagers die hun salesgedrag moeten verbeteren en hiervoor een training krijgen met filmpjes, opdrachten en een begeleidende trainer. De trainer gebruikt Skype of een Webinar om hen te begeleiden. Ondanks de digitale middelen en de professionaliteit van de trainer zijn de effecten vaak gering. Vermaat biedt ook klassieke trainingen, maar combineert dit altijd met leren op de werkplek en sociaal leren. Op basis van het vraagstuk kijken ze welke aanpak passend is.

Een dure vergissing

Waar komt toch die reflex om te trainen vandaan? Omdat ze denken dat het probleem zo makkelijk oplost? Of omdat het kostenbesparend is? Misschien komt het wel omdat al deze bedenkers en beslissers zelf opgevoed zijn met een meester of juf voor de klas. Het is een reflex dat met IT-technieken is uitgebreid. Digitale platforms, apps, webinars. Ze zijn deels bedacht om kennis en vaardigheden over te dragen en goed voor ons allemaal. Een dure vergissing!

De werkomgeving centraal

Trainen lost geen echte problemen of issues op de werkvloer op. Wie daarover meer wil lezen verwijs ik graag naar “Liever (g)een training” (Arets en Opduin, 2006) en “Een kostbaar misverstand” (Arets en Heijnen, 2008). Daarbij wil ik nog wel graag een lans breken voor de inzichten over transfer van Jolanda Botke (2016). Er worden notabene nog veel trainingen gegeven en zij geeft aan dat werkelijke overgang van ‘leren’ naar ‘werken’ pas komt als een training of workshop is afgelopen. Maar veronderstellen dat transfer automatisch tot stand komt, is een illusie. Jolanda: ‘ uiteindelijk bepaalt de werkomgeving of de werknemer in staat is zijn kennis en vaardigheden in te zetten’. Rummler en Brache (2012) verwoordden dit ooit met “If you put a good performer against a bad system, the system will win almost every time”.


Van klassiek, naar blended, naar performance

Grofweg kun je onderscheid maken in drie richtingen. In schema:

Klassiek (vroeger) Hybride/blended (nu) Performance verbetering (nabije toekomst)

Teacher-centered

Trainershandleiding; slides

Klassikale instructie en werken in subgroepen

Verhouding 10-80-10

Werkplek secundair

Trainer- docent

Vaste patronen

 

 

Blended: Filmpjes, apps; quickviews

Digitaal platform; chatrooms

Klassikaal werken gecombineerd met digitaal

Verhouding: 20-60-20

Werkplek meer centraal

Hybride patronen Trainer docent en coach….

 

Performance coach (de trainersrol is verdwenen)

Werkplek uitgangspunt

Gepersonaliseerde leergangen

Mobiele devices; Big data

Verhouding 40-20-40

Agile werkvormen(scrum e.d.)

Spaced learning

Drip feeding

 

De genoemde verhoudingen, zoals 40-20-40 (voor-tijdens-na) zijn gebaseerd op de uitgangspunten van Robert Brinkerhoff (2005 High Impact Training) die aangeeft dat de effecten van trainingen hoger zijn naarmate er meer koppeling aan de praktijk plaatsvindt (dus bijvoorbeeld 40% tijd besteden aan vooraf opdrachten in de praktijk; 20% besteden aan korte doortrainmomenten en 40% besteden aan verwerk-opdrachten in de praktijk.) Nb in de vaak nog klassiek opgezette trainingen zie je de 10-80-10 verhouding terug; dus veel effort in de training zelf (80) en weinig gekoppeld aan de praktijk. Van de 1 ½ -2 miljard dat er jaarlijks in Nederland uitgegeven wordt aan trainingen, kun je dus nog veel door het putje spoelen, oftewel: 80-90% is weggegooid geld.

Veiligheid & hygiëne leidend

Kijkend naar het kader hiervoor staat de business centraal. Dat wat er op de werkvloer speelt en de performance verbetering waar de business om vraagt. Bij een bedrijf als Vermaat gaat dat al snel over de kwaliteit van eten en drinken dat top moet zijn en blijven (vakmanschap en inventiviteit); de omgang met de gast (hospitality). Annemiek zegt daarover ‘ De samenhangende interactie tussen L&D en de business is cruciaal. De business is leidend. Veelal weten zij wel wat er aan de hand is, waar knelpunten liggen en waar het heen moet. Het vertalen naar dat wat nodig is op de werkvloer, hoe je een interventie ontwerpt en hoe je ze elkaar versterkt, dat is ons vak. Je ziet in bedrijven veel L&D-ers “apart” zitten. Je hebt de business nodig om te weten wat hen bezighoudt en de taal te spreken. Wij voegen de meeste waarde toe door de samenwerking op te zoeken en ons, waar nodig, dienend of sturend op te stellen. Ik denk om echt resultaat neer te zetten je integraal naar vraagstukken moet kijken en je krachten moet bundelen.’ Vermaat als mooi bedrijf mag blij zijn met een visie-volle en enthousiaste L&D manager die voor het bedrijf gaat.

Vermaat
De organisatie groeide uit van een delicatessenwinkel tot een concern met meer dan 3500 medewerkers. Vermaat is inmiddels een toonzetter in de wereld van eten en drinken. Je vindt de Vermaatgroep, hun horeca en retail concepten in bedrijven, ziekenhuizen, Schiphol, Leusire (zoals het Rijksmuseum) en evenementen. Allen werken met ‘de touch of Vermaat’ en dat betekent: Persoonlijk, Vakkundig, Gedreven, Ondernemend en Inventief.